
Symon vraagt waar ik ’s avonds heen was geweest. Ik antwoord: naar een bijeenkomst over de verschillen tussen jongens en meisjes. Hij kijkt me meewarig (en een beetje ontgoocheld) aan: ja maar dat weet je toch wel?
Ja natuurlijk weet ik het fysieke verschil tussen jongens en meisjes wel, maar er zijn meer verschillen. Met name in het brein en de manier van ontwikkelen.
De verschillen zijn zichtbaar als je goed kijkt; jongens zijn over het algemeen doeners. Ze willen leren door te doen, met de handen bezig zijn en wat ze doen moet zin hebben, ergens toe leiden.
Het zijn ook onderzoekers, ze willen uitvinden hoe dingen werken. Een mooi voorbeeld was gisteren. In de tuin van een vriendin stond een kruiwagen met water en een laagje ijs erop. Symon loopt erop af en in plaats van kijken wat in de kruiwagen zit, pakt hij de kruiwagen op en beweegt deze heen en weer om te kijken naar wat er gebeurt. Met als gevolg dat mijn laarzen overstroomd worden. Daarna wordt er een stokje gepakt en wordt er gerommeld in de kruiwagen met het ijs. Een mooi voorbeeld van onderzoeken door te doen, door vast te pakken.
Jongens blijken (over het algemeen) minder talig ingesteld te zijn, een vierjarige jongen kan 7 woorden tegelijk bevatten (een meisje 14 woorden). In de praktijk ziet dat er als volgt uit; ik heb een lange zin en na 7 woorden gaat het licht uit. Er is geen aandacht voor de rest van de zin, de jongen is de eerste 7 woorden aan het verwerken. Ik raak geïrriteerd, omdat ik denk dat hij geen aandacht voor mij heeft.
Jongens zijn ook graag in beweging; stilzitten kost hen moeite. Als we dan kijken naar de momenten dat jongens stil moeten zitten, dan zijn dat er best veel. Oefening baart kunst, maar we moeten wel kritisch blijven op de noodzaak van ieder zitstilmoment!
Nu is het zo dat er veel vrouwen werkzaam in het onderwijs en in de opvang zijn en zij kijken vanuit hun norm naar de kinderen. Als ik voor mezelf praat, vind ik het wel heel prettig als kinderen rustig zijn, weinig rennen in de groep en praten met elkaar als er onenigheid is. Nu zijn dit juist dingen die jongens op een andere manier doen; zij hebben beweging nodig om te ontspannen, zij stoeien met elkaar om te weten waar zij in de groep staan. Dit kan dus botsen.
Is het toeval dat jongens vaker als lastig of moeilijk gezien worden?
Hoe hiermee om te gaan?
Natuurlijk zou het heel mooi zijn als er meer mannen komen te werken in opvang en onderwijs, maar dat is nog toekomstmuziek. Voor nu is het zaak om de jongens veel te laten bewegen, om kritisch te blijven op de zitstilmomenten en activiteiten aan te bieden die jongens (en meisjes) aanspreken. Je realiseren dat we regelmatig met vrouwenogen naar mannengedrag kijken, kan helpen kritisch te blijven op onszelf.
Volgend jaar gaat het activiteitenteam aan de slag met activiteiten die jongens aanspreken, ze gaan sloopleren met de kinderen. Hoe ziet een apparaat er eigenlijk van binnenuit? Hoe werken de apparaten? Ook chemie komt aan bod; kleine proefjes met allerlei spullen uit onze omgeving. We hopen dat dit voor jongens en meisjes zinvolle activiteiten zijn, naast het regelmatig de ruimte krijgen om te bewegen!
Mirjam Veldhoven
Meer weten?
Informatie over het verschil tussen jongens en meisjes is te vinden op:
www.laukwoltring.nl
www.jmouders.nl
www.kennislink.nl
Informatie over technische activiteiten:
www.ontdekplek.nl
www.encyclopedoe.nl
Musea met doedingen:
www.villazebra.nl
www.ontdekhoek.nl
www.tudelft.nl (techniekmuseum van de TU Delft, waarschijnlijk open in de zomer 2010)

